Ongevraagde antwoorden tijdens biologieles

Als ik vragen heb, ben ik altijd blij als iemand ze kan beantwoorden. Ook al weet je niet altijd zeker of je wel het goede antwoord krijgt. Ook al roept het antwoord vaak nog meer vragen op. Maar vandaag was ik niet blij, maar verheugd. Ik kreeg namelijk een antwoord op een vraag waarvan ik niet eens wist dat ik hem had. De kwestie is namelijk zo normaal, dat ik niet besefte hoe bijzonder het is.

Vandaag ben ik samen met een aantal mensen bij Klaas Nanninga geweest. Hij geniet nu van een welverdiend pensioen na 33 jaar als biologieleraar gewerkt te hebben. Van die jaren heb ik er 4 meegemaakt als leerling op de MAVO. Een belangrijke basis van mijn interesse voor biologie/ecologie is daar gelegd.
Klaas heeft een natuurmuseum in Groningen. Daar heeft hij de mooiste attributen uit zijn biologische verzamelwoede van ongeveer 50 jaar ten toon gesteld. In zijn huis staan 5 kamers vol met schelpen, zoogdieren, insecten, vissen, vogels, delen van mensen en andere bezienswaardigheden. Elk attribuut uit de verzameling heeft wel een verhaal. En Klaas is een goed verteller. Maar elk attribuut nodigde ons ook uit tot vragen. En wij zijn goede vragers.
Halverwege de excursie tijdens de koffie, vroeg één van ons: “Klaas, vertel nog eens iets over die prachtige glasachtige spons met die mooie structuur”.
Klaas vertelde dat het ging om een Venusmandje ging, een diepzeespons waarvan het skelet gemaakt is van een soort glasweefsel.
diepzeespons
Deze spons wordt in Japan ook als huwelijksgeschenk aangeboden aan bruidsparen. Het is namelijk zo dat deze sponzen in de zee gebruikt worden als onderkomen voor een garnalenechtpaar. Dit echtpaar brengt het hele huwelijk door binnen deze spons. Er is namelijk no way out. De spons is helemaal afgesloten. De belofte van “trouw tot de dood ons scheidt”, gaat hier nog een stap verder. In de getoonde spons is het echtpaar nog steeds aanwezig, dood maar verbonden aan elkaar.
Klaas vertelde verder dat een spons een bijzonder dier is. Als je hem door een zeef heen zou drukken kunnen de afzonderlijke cellen weer aan elkaar groeien. Een spons zou zijn oorspronkelijk vorm weer aan kunnen nemen. Ook doet een spons aan ongeslachtelijke voortplanting. Elke cel kan een soort knop vormen die los laat en als zelfstandige cel verder leeft.
“Maar wacht even Klaas, zonet had je het over een dier en nu over ongeslachtelijke voortplanting. Is de spons nou een plant of een dier?” “Het is een dier”, aldus Klaas, “de mogelijkheid van ongeslachtelijk voortplanten is niet alleen gegund aan planten.”
Vroeger was het wel eens lastig om van een organisme te bepalen of het om een dier of plant gaat. Tegenwoordig kunnen we met één enkele cel de indeling bepalen. Het geheim is de celwand, of juist het ontbreken ervan.
Een plantencel heeft namelijk wel een wand en een dierencel niet.
En na 22 jaar zat ik weer midden in een boeiende biologieles van meneer Nanninga. Dezelfde manier van staan, dezelfde manier van kijken, hetzelfde enthousiasme, zijn hele houding was niet veranderd. En wij luisterden.
Een cel van een dier heeft geen wand, deze cel is te vergelijken met een ballon. Flexibel en vormbaar, ideaal voor een bewegend schepsel. De cel van een plant heeft wel een wand, dat geeft structuur aan de cel. De plantencel is te vergelijken met een schoenendoos, niet flexibel maar wel erg stevig. Ideaal voor als je van een vaste stek houdt.
Deze eigenschap zie ik alle dagen in de natuur, maar ik heb me er nooit over verwonderd.
Omdat het zo gewoon is, dat het niet bijzonder lijkt.

Ik heb een broer van 2 meter en 2 centimeter. Vindt je dat lang?
Helemaal niet lang, hij heeft een boom in de tuin staan die wel 10 meter lang is!
Maar dat telt niet, mensen kunnen niet zo lang worden.
Nee, dat klopt. En dan de vraag die ik nog nooit gesteld had:
Waarom kunnen bomen veel groter worden dan mensen of dieren?
Het antwoord is simpel, schoenendozen kun je beter stapelen dan ballonnen.
In het dierenrijk houdt het bij een meter of vijf wel op. En aan een giraffe is wel te zien dat veel hoger geen optie is, de stevigheid gaat er hard op achteruit.
Een boom daarentegen die groeit maar door. En dat moet ook wel, elke vorm van schaduw boven een boom kan z’n dood betekenen. Zonlicht is van levensbelang.

Stel je eens voor dat planten dezelfde celstructuur zouden hebben als wij. Een mooie rode roos voor je vrouw zou als een grasspriet om knakken. Tijdens een boswandeling zou mijn broer over de boomtoppen heen kunnen kijken. Vogelnesten in de bomen zouden niet veilig zijn. De biodiversiteit in een bos zou veel minder groot zijn.
Of andersom, stel je eens voor dat mensen opgebouwd zouden zijn uit cellen met een wand.
Kleren aantrekken zou niet lukken. We zouden in ons blootje moeten lopen. Een klap op je schouder zou desastreus zijn. En vrijen zou alleen maar zeer doen. We zouden binnen no time een uitgestorven populatie zijn.

Maar toch hè, sommige planten lijken wel opgebouwd te zijn uit ballonnen.
Een paardenbloem krijgt zijn stevigheid uit het omringende gras, een zonnebloem kan vaak ook wel wat hulp gebruiken. Maar daarentegen verdenk ik sommige mensen er ook van dat ze stiekem wel celwanden hebben. Die mensen die zo stijf als een plank zijn, moeten zich misschien toch eens laten onderzoeken.
Maar misschien zijn deze uitzonderingen wel expres aan de schepping toegevoegd. Want daarmee leveren zelfs antwoorden op ongestelde vragen, weer nieuwe vragen op. En als ik daar een antwoord op krijg, word ik weer blij. Zelfs als ik niet weet of antwoord juist is.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

veertien − 1 =